Terug naar hoofdinhoud

Duurzame watertoevoer, een groot belang voor de watermolen.


Gepubliceerd op: 27 maart 2026

Geen watermolen kan zonder water, maar door allerlei omstandigheden  is de continuiteit van voldoende wateraanvoer niet langer gegarandeerd. De vraag "Hebben jullie voldoende water?"wordt regelmatig gesteld? We hebben Ruud Lorwa als contactpersoon  Bekenstichting Wenum Wiesel gevraagd wat meer uitleg te geven over oorzaak en gevolg.

De “W “ van (molen) - Water
Een watermolen is een ‘levende molen’ als aan vijf “W “ voorwaarden wordt voldaan:
Water – Waterwerken – Waterrad – Werktuig - Werking
Zonder water kan ook de Wenumse watermolen zijn werk niet doen. Helaas is de tijd van overvloedig water in de Veluwse (sprengen-) beken al lang voorbij (daarover later in dit stukje meer)

Die molenaars uit vroeger tijden wisten wel hoe ze voldoende water op hun molen konden krijgen. Als een natuurlijke beek niet voldoende water gaf gingen ze op zoek naar hoger gelegen natte plekken in de Veluwse stuwwal. In ons gebied vonden ze die plekken in Wiesel met voldoende grondwater. Daar lieten ze zogenaamde sprengenbeken graven met vaak aan het begin een grote sprengkop. Die zorgde ervoor dat het grondwater uit de waterbel onder het Veluwe massief voldoende water af kon voeren naar de lagergelegen watermolens.

Twee van die gegraven sprengenbeken de Meibeek en de Wieselsebeek leverden zoveel water dat er zelfs twee kopermolens konden. De Rotterdamse kopermolen en de Nieuwe Molen (de huidige Wenumsewatermolen) In de gemeente Apeldoorn waar we ooit in totaal zo’n 80 watermolens konden vinden, waren slechts drie daarvan in gebruik als kopermolen. U raad het al, twee daarvan lagen in Wenum Wiesel aan de Wenumse Beek. De derde was gevestigd aan de Apeldoornse Grift.

Die kopermolens konden alleen maar draaien bij voldoende beekwater, immers zo’n kopermolen had zeker drie raderen in bedrijf om de werktuigen aan te drijven zoals een blaasbalg, de hamers om het koper te pletten en de knipschaar om de koperen platen op de gewenste maat te knippen. Om er zeker van te zijn dat er overdag voldoende water beschikbaar was liet men een voorraadvijver of wijer (Veluwse benaming) voor het waterrad aanleggen. Deze wijer is nog prominent zichtbaar voor de Wenumse watermolen.
Daar werd in de nachtelijke uren het beekwater opgevangen zodat overdag de molen zijn werk kon doen. Dat waren nog eens tijden, helaas veelal door menselijk ingrijpen is de jaarrond watervoerendheid van onze beken niet meer vanzelfsprekend.
Wist u dat onder het Veluwe massief een zoetwaterbel te vinden is die maar liefst 7 maal zoveel water bevat als het IJsselmeer? En toch minder water in onze beken?

Een paar oorzaken op een rijtje:

  • Die grondwaterbel werd/wordt gevoed door neerslag. Lang was de Veluwe een grote zandbak met hier en daar wat heide begroeiing, daardoor kon het regenwateronbelemmerd in de bodem zakken.
    Vanaf ca. 1900 zijn er veel bomen aangeplant, waardoor nu door verdamping maar ca. 40% van de jaarlijkse neerslag de diepere grondlagen bereikt.
  • Door inpolderingen in het IJsselmeer verdwijnt een deel van het grondwater via kwel naar de diepliggende polders.
  • Via het Apeldoorns Kanaal en ook via de steeds dieper gelegen IJssel wordt  kwelwater uit het Veluwe afgevoerd.
  • Door industriële onttrekkingen en het bewateren van landbouw gronden daalt de grondwaterstand.
  • Beschadiging van zgn. kleischotten door zandwinning en door bouwactiviteiten kunnen de grondwaterstand lokaal verlagen.
  • Kunstmatig ontwateren van gebieden met stedelijke bebouwing. (In Apeldoorn de wijken: Zuidbroek, Zevenhuizen en de Maten)
  • Drinkwaterwinning: met name de beken rond Apeldoorn (Wenum Wiesel) vallen zomers droog mede door het oppompen van drinkwater door Vitens aan Amersfoortseweg.
  • Klimaat verandering: ondanks jaarlijks meer neerslag verdampt door warmere zomers meer water voordat het in de bodem kan trekken.
  • Afvoer via beken en sprengen. Deels een natuurlijk verschijnsel en tegenwoordig aanzienlijk minder dan in de bloeiperiode van de watermolens op de Veluwe.

Terug naar de Wenumse watermolen en het in de zomermaanden ontbreken van voldoende beekwater om langdurig de molen te kunnen laten draaien.
Gelukkig maken behalve molenaars ook betrokken instanties zoals de Bekenstichting, de Dorpsraad WW, het Waterschap Vallei en Veluwe, de provincie Gelderland en de gemeente Apeldoorn zich zorgen over bovengenoemde ontwikkelingen.
Het onderwerp om watertekorten in onze beken om te zetten in ‘Duurzame jaarrond
watervoerend ‘ staat zeker prominent op de agenda van genoemde instanties, maar soms ‘malen’ ambtelijke molens helaas nog wat langzamer dan watermolens.
Ruud Lorwa, contactpersoon Bekenstichting voor Wenum Wiesel.